Juli 2026

“Dankzij het handelingsprotocol vinden we elkaar snel”

Strategisch thema preventie

Bij hoarding denken mensen vooral aan woningvervuiling, stank en ongedierte. Maar ook brandveiligheid is een belangrijk aspect. In de regio Tiel werken Noortje van Rooij van de GGD, en Erik van Zoelen van de brandweer nauw samen. Een woning die te vol is, kan brandgevaarlijk zijn. Erik: “Als ik door de vooruit de achterdeur niet zie, dan zijn er bijna altijd vlucht- of brandrisico’s.”

Noortje van Rooij van de GGD, en Erik van Zoelen van de brandweer

“Een grote berg brandbaar materiaal waar we nauwelijks overheen konden kijken.”

Meestal bezoekt Erik een woning nadat Noortje hem heeft gebeld. Noortje werkt bij het Meldpunt Bijzondere Zorg van de GGD: “Krijgen we een melding van woningvervuiling, dan ga ik eerst zelf kijken hoe ernstig het is. Is er sprake van etensafval of andere vervuiling, ongedierte, dierenleed? Is het brandgevaarlijk?” Het handelingsprotocol helpt haar daarbij. Er staan foto’s in ter verduidelijking. “Als een ruimte zo vol staat dat je er niet doorheen kunt, bel ik Erik.”

Wie doet wat?

De afgelopen jaren zag Noortje het aantal meldingen van woningvervuiling toenemen. Ook merkte ze dat de samenwerking rond deze complexe problematiek niet altijd goed liep. Voor haar master Social Work onderzocht ze daarom hoe het beter kan. “Veel partijen zijn betrokken: GGD, woningbouw, politie, brandweer en gemeente. Maar wie doet wat? Welke afdeling bij de gemeente moet je bellen? We hebben een handelingsprotocol ontwikkeld dat als richtlijn dient voor alle gemeenten. Per gemeente maken we het op maat. We zijn begonnen met Tiel; daar werken we ruim een jaar volgens het protocol nu.

Berg speelgoed

Erik is lid van het team Toezicht en Handhaving van de brandweer binnen Veiligheidsregio Gelderland-Zuid. Hij houdt zich bezig met de brandveiligheid van gebouwen en evenementen. Eind vorig jaar werd hij door Noortje ingeschakeld bij een risicovolle hoarding-situatie in Tiel. Erik: “Een appartement van 50 m². Niet heel vies of met stankoverlast, maar wel vol met speelgoed en vooral heel veel knuffels. Een grote berg brandbaar materiaal waar we nauwelijks overheen konden kijken.”

Vuurlast te hoog

De vuurlast was 7 keer te hoog, berekende Erik. Hij legt uit: “Muren tussen appartementen moeten brand een bepaalde tijd tegenhouden, daar is een norm voor. Met deze hoeveelheid spullen werd die norm ruim overschreden.” Dit betekende dat de woning direct ontruimd moest worden. Noortje: “Met de gemeente hebben we geregeld dat de woning tijdelijk werd gesloten. De bewoners konden bij familie terecht. Een ingrijpend traject, maar wel noodzakelijk voor de veiligheid.”

Psychologische hulp

Ze vervolgt: “De bewoners wilden zelf niet opruimen; ze konden geen afstand doen van hun spullen. De woningbouw schakelde daarom een opruimdienst in en sloeg de inboedel op in 3 units. We hebben een maximum bepaald voor wat terug mag in de woning. De woningbouw controleert dit nu.” Om de achterliggende problematiek bij hoarding aan te pakken, regelt Bijzondere Zorg vaak hulpverlening om herhaling te voorkomen. “Uiteindelijk is het aan de hoarder zelf of die er iets mee doet,” aldus Noortje.

Ingewikkeld probleem

In de Tielse casus oefent de woningbouworganisatie druk uit om te voorkomen dat het hoarden opnieuw begint. Dat kan echter niet altijd. “Hoarding komt in alle lagen van de bevolking voor,” benadrukt Erik. “Ook in dure wijken met koopwoningen. Het is een ingewikkeld probleem met veel aspecten. En juist daarom is samenwerking zo belangrijk.” Het handelingsprotocol heeft de samenwerking versterkt, vindt hij: “Vroeger werd ik langs een omweg via de gemeente ingeschakeld. Nu is er direct contact, ik ben er sneller bij!”

“Hoarding komt in alle lagen van de bevolking voor.”

STRATEGISCHE THEMA’S

Informatiegestuurde aanpak als basis voor betrouwbare advisering

Adviseren over preventie en vormgeven van groepsgerichte preventie

Versterken samenwerking zorg en veiligheid ten behoeve van een betere inwonerondersteuning

Gezondheidsbescherming en -bevordering in het sociale en fysieke domein